Sinds de inwerkingtreding van de wet van 4 april 2019 tot wijziging van het Wetboek van economisch recht zijn contractuele relaties tussen ondernemingen (B2B) voortaan onderworpen aan een regime van controle op oneerlijke bedingen.
Voor het eerst wordt in het Belgische interondernemingsrecht een beginsel opgenomen volgens hetwelk een beding onrechtmatig is indien het, alleen of in samenhang met één of meer andere bedingen, een kennelijk onevenwicht schept tussen de rechten en plichten van de partijen. Zulks volgens artikel VI.91/3 § 1 WER.
Deze regeling introduceert twee lijsten: een “zwarte lijst” met clausules die onder alle omstandigheden als onrechtmatig worden beschouwd, en een “grijze lijst” met clausules die als onrechtmatig worden beschouwd tenzij het tegendeel wordt bewezen.
Op de zwarte lijst staan, overeenkomstig artikel VI.91/4 WER, clausules die:
- een onherroepelijke verbintenis van een partij bevatten, terwijl de uitvoering ervan uitsluitend van haar wil afhangt;
- een partij het eenzijdige recht geven om de overeenkomst te interpreteren;
- de andere partij afstand doen laten doen van elk rechtsmiddel;
- de kennis of aanvaarding van voorwaarden vaststellen die de andere partij niet daadwerkelijk heeft kunnen raadplegen.
De bedingen die worden vermoed onrechtmatig te zijn (grijze lijst) worden opgesomd in artikel VI.91/5 WER. Bijvoorbeeld:
- het aan de onderneming toestaan om zonder geldige reden eenzijdig de prijs of de kenmerken van het contract te wijzigen;
- een contract voor bepaalde tijd stilzwijgend verlengen of vernieuwen zonder een redelijke opzegtermijn;
- het economische risico zonder tegenprestatie bij één partij leggen, terwijl dit normaal gesproken bij de andere partij berust;
- de wettelijke rechten van een partij op ongepaste wijze uitsluiten of beperken in geval van niet-nakoming of gebrekkige nakoming;
- enz.
De onrechtmatige aard van de clausule wordt beoordeeld op het moment dat de overeenkomst wordt gesloten, rekening houdend met de context, de handelsgebruiken, de algemene economische aspecten van de overeenkomst en de andere clausules die daarin zijn opgenomen.
In de praktijk betekent dit dat ondernemingen voortaan systematisch hun algemene verkoop- of aankoopvoorwaarden, hun contractmodellen en alle interbedrijfsverbintenissen moeten herzien om ervoor te zorgen dat geen enkele clausule onder deze criteria valt. Bij gebreke daarvan kan een onrechtmatig beding door een rechter nietig worden verklaard (artikel VI.91/6 WER).
Het is belangrijk op te merken dat deze controle niet betrekking heeft op het algemene economische evenwicht (bijvoorbeeld de rentabiliteit), maar wel op een juridisch onevenwicht tussen de verplichtingen en rechten van de partijen.
Ons advies:
Opgelet: de partijen kunnen echter, met kennis van zaken en vanaf het sluiten van de overeenkomst, kiezen voor de toepassing van een clausule uit de grijze lijst, mits zij daarvoor een duidelijke motivering en adequate documentatie kunnen voorleggen.
Ons team staat klaar voor bedrijven die hun algemene voorwaarden willen herzien in het licht van deze B2B-wet en de zwarte en grijze lijsten.
Voor meer informatie kunt u de herhaling van onze earlegal-opleiding bekijken: earlegal #13 – Contrats de construction : attention aux clauses abusives! – Lexing
